Hoe factcheckers hun inhoud aanpassen aan sociale media
Factchecking is steeds belangrijker geworden door de toename van misinformatie op sociale media. Dit onderzoek bekeek hoe factcheckingorganisaties hun website-inhoud aanpassen aan sociale media. Bijna 15000 factchecks uit België, de VS en het VK werden geanalyseerd. De meeste factchecks worden van websites naar sociale media overgezet, maar dit verschilt per organisatie. Factchecks worden snel en breed gedeeld, maar daarna nauwelijks opnieuw gedeeld. Reposts gebeuren vooral binnen een platform, niet tussen platforms. Zowel op websites als op sociale media blijven harde nieuwsonderwerpen dominant.
Studie over
Fact-checking
Onderzoeksmethode(n)
Kwantitatieve inhoudsanalyse
Medium/technologie
Sociale media
Soort publicatie
Wetenschappelijk artikel
Tags
factchecking
sociale media
media-inhoud
misinformatie
Kerninzichten
Dit onderzoek onderzoekt hoe factcheckingorganisaties hun inhoud aanpassen aan sociale media. Omdat steeds meer mensen nieuws via sociale media consumeren, moeten factcheckers hun content aanpassen aan de unieke formats van platformen zoals Facebook, Instagram, TikTok en YouTube. Het onderzoek biedt een overzicht van deze aanpassingen en geeft organisaties een benchmark om hun strategieën te verbeteren.
De meeste factchecks worden van websites overgezet naar Facebook, gevolgd door Instagram, TikTok en YouTube. Facebook is populair vanwege de eenvoud om links naar originele artikelen te delen, maar dit kan een probleem worden, omdat jongere gebruikers Facebook steeds minder gebruiken. De hoeveelheid overgezette factchecks verschilt sterk per organisatie: sommige posten bijna alles, terwijl anderen minder dan 10% delen. Dit kan te maken hebben met beperkte middelen, zoals tijd, geld en vaardigheden, vooral voor video-intensieve platforms zoals TikTok en YouTube. Interessant is dat zelfs grote organisaties zoals de BBC en The Washington Post lage overzetpercentages hebben.
Factchecks worden in een snelle "burst" gedeeld op sociale media, vooral op Facebook. Daarna neemt de verspreiding snel af. Platforms zoals Instagram, TikTok en YouTube worden vaak pas later gebruikt, mogelijk omdat contentmakers eerst testen wat goed werkt op Facebook voordat ze meer tijd investeren.
Er is geen bewijs dat factcheckers vooral "zachte" onderwerpen (zoals entertainment) kiezen voor sociale media. Zowel op websites als op sociale media blijven harde onderwerpen dominant. Dit onderzoek bevestigt dat factchecking gericht blijft op serieuze thema’s, ook op sociale media.
Factcheckers zijn nog zoekende naar de beste manier om sociale media te gebruiken. Er zijn grote verschillen tussen organisaties in hoeveel en hoe ze content delen. Sociale media zijn belangrijk in de strijd tegen misinformatie, maar het aanpassen van inhoud aan platforms is tijdrovend en kostbaar. Het verdwijnen van Meta’s financiële steun bemoeilijkt dit proces verder. Dit onderzoek benadrukt hoe belangrijk het is voor factcheckers om sociale media effectief te benutten, want hier verspreidt misinformatie zich het snelst. Organisaties moeten strategieën blijven ontwikkelen om hun impact te vergroten.
Hermans, B., Waeterloos, C., & Opgenhaffen, M. (2025). The Remediation of Fact-Checks on Social Media: Insights from a Multi-Platform Content Analysis. Digital Journalism, 1–19. https://doi.org/10.1080/21670811.2025.2580979
Onderzoek in de kijker
Elke maand komen er in Vlaanderen gemiddeld 16 nieuwe papers en publicaties uit rond media en communicatie. We selecteren voor jou enkele markante publicaties.